Citaat | Hoge Raad 11 januari 2019

Onder 5.2.1 Hoge Raad 11 januari 2019

Een alinea uit Hoge Raad 11 januari 2019, ECLI:NL:HR:2019:3.

Het middel klaagt dat dit oordeel blijk geeft van een onjuiste rechtsopvatting omtrent het bepaalde in art. 237 Rv, althans onvoldoende is gemotiveerd. Het wijst erop dat de vorderingen van de notaris c.s. in deze vrijwaringsprocedure zijn afgewezen, zodat zij in die procedure gelden als de in het ongelijk gestelde partij en volgens de hoofdregel in de kosten van de kinderen en stiefdochters moeten worden veroordeeld. Volgens het middel kan de door het hof gegeven motivering de afwijking van die hoofdregel om diverse, in de onderdelen 1.1-1.3 genoemde redenen niet dragen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e9ee8b70711b7e21e00d483011e2211448d6e74926a06828ef0a20acf67d8746. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e9ee8b70711b7e21e00d483011e2211448d6e74926a06828ef0a20acf67d8746, en de alinea staat in dat document op bytes 15140 tot 15731.