Citaat | Hoge Raad 12 maart 2019

Onder 2.3.2. Hoge Raad 12 maart 2019

Een alinea uit Hoge Raad 12 maart 2019, ECLI:NL:HR:2019:341.

Een uit anderen hoofde gedetineerde verdachte ten aanzien van wie de verdenking is gerezen van een nieuw strafbaar feit, bevindt zich wat betreft de onder 2.3.1 bedoelde regel in een met een aanhouding vergelijkbare situatie. Zo een verdachte dient daarom eveneens vóór de aanvang van het eerste verhoor door de politie aangaande zijn betrokkenheid bij dat strafbare feit te worden gewezen op zijn recht op raadpleging van een advocaat. (Vgl. HR 3 juli 2012, ECLI:NL:HR:2012:BW9264.)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4f22e1d95db2e1354cdd3dcaffcb14197044244d9e2867a78bdf2722a2b06b99. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4f22e1d95db2e1354cdd3dcaffcb14197044244d9e2867a78bdf2722a2b06b99, en de alinea staat in dat document op bytes 17755 tot 18253.