Citaat | Hoge Raad 15 maart 2019
Onder 3.2.3 Hoge Raad 15 maart 2019
Een alinea uit Hoge Raad 15 maart 2019, ECLI:NL:HR:2019:354.
Om deze vraag te beantwoorden, dient beoordeeld te worden hoe de Provincie zou hebben beslist indien zij Aanwijzing 2 niet zou hebben gegeven. Het causale verband als bedoeld in art. 6:162 BW (het condicio sine qua non-verband) waarom het hier gaat, moet worden vastgesteld door vergelijking enerzijds van de situatie die zich in werkelijkheid heeft voorgedaan, en anderzijds de hypothetische situatie die zich zou hebben voorgedaan als de onrechtmatige gedraging achterwege was gebleven. Indien de Provincie een nieuw rechtmatig besluit neemt dat leidt tot hetzelfde rechtsgevolg als het onrechtmatige besluit, kan dit grond zijn om tot uitgangspunt te nemen dat de Provincie ten tijde van het onrechtmatige besluit eenzelfde besluit zou hebben genomen, indien dat op dat tijdstip rechtens mogelijk was. Het hof verwijst naar HR 6 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:18 (UVW). (rov. 6)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2f66ec6e90c566cecf4a85d68cb8d36f6b21197ae793767d8b7f73689bd82238. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2f66ec6e90c566cecf4a85d68cb8d36f6b21197ae793767d8b7f73689bd82238, en de alinea staat in dat document op bytes 15147 tot 16041.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2f66ec6e90c566cecf4a85d68cb8d36f6b21197ae793767d8b7f73689bd82238 | shasum -a 256