Citaat | Hoge Raad 11 januari 2019
Onder 3.3.1 Hoge Raad 11 januari 2019
Een alinea uit Hoge Raad 11 januari 2019, ECLI:NL:HR:2019:36.
De curator heeft in de onderhavige cassatieprocedure op de voet van art. 224 Rv in verbinding met art. 414 Rv een incidenteel verzoek ingediend strekkende tot de veroordeling van [verzoekster] om zekerheid te stellen voor de proceskosten van het geding in cassatie op straffe van niet-ontvankelijkheid. Hij heeft daaraan ten grondslag gelegd dat [verzoekster] woont in [woonplaats], Verenigde Arabische Emiraten, dat deze staat geen partij is bij het Haags Rechtsvorderingsverdrag 1954, en dat tegen [verzoekster] in Nederland geen verhaal mogelijk is voor de proceskosten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/39f4f581646c9987c38081afb0ebfb5f034a4293450ec9a85e634c41bfa2c955. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 39f4f581646c9987c38081afb0ebfb5f034a4293450ec9a85e634c41bfa2c955, en de alinea staat in dat document op bytes 9666 tot 10253.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/39f4f581646c9987c38081afb0ebfb5f034a4293450ec9a85e634c41bfa2c955 | shasum -a 256