Citaat | Hoge Raad 15 maart 2019
Onder 3.4.4 Hoge Raad 15 maart 2019
Een alinea uit Hoge Raad 15 maart 2019, ECLI:NL:HR:2019:377.
De hiervoor in 3.4.3 vermelde ratio van de toekenning van de schone lei aan het einde van de looptijd van de schuldsaneringsregeling staat in de weg aan analoge toepassing van art. 6:131 lid 1 BW op de in art. 358 lid 1 Fw bedoelde vordering. De in art. 6:131 lid 1 BW neergelegde regel dat de bevoegdheid tot verrekening niet eindigt door verjaring van de rechtsvordering, brengt dus geen verandering in het hiervoor genoemde uitgangspunt dat na toekenning van de schone lei de schuldenaar van degene aan wie de schone lei is toegekend niet bevoegd is om zich op verrekening te beroepen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fae653ccb6a6666fa31f8d8f5c8377d64dbb0fa3375e515fe0d1189754878a14. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fae653ccb6a6666fa31f8d8f5c8377d64dbb0fa3375e515fe0d1189754878a14, en de alinea staat in dat document op bytes 15606 tot 16208.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fae653ccb6a6666fa31f8d8f5c8377d64dbb0fa3375e515fe0d1189754878a14 | shasum -a 256