Citaat | Hoge Raad 22 maart 2019
Onder 3.4.2 Hoge Raad 22 maart 2019
Een alinea uit Hoge Raad 22 maart 2019, ECLI:NL:HR:2019:404.
Op grond van art. 7:681 BW kan een werknemer verzoeken ofwel om vernietiging van de opzegging van de arbeidsovereenkomst ofwel om toekenning van een billijke vergoeding. In dit geval heeft de werkneemster in eerste aanleg primair verzocht om vernietiging van de opzegging van de arbeidsovereenkomst. De kantonrechter heeft dit primaire verzoek toegewezen. In verband met art. 7:683 lid 6 BW kon het hof deze beslissing in hoger beroep niet vernietigen. In hoger beroep heeft de werkneemster bovendien verzocht om voor recht te verklaren dat een dringende reden voor het gegeven ontslag op staande voet ontbreekt (zie het beroepschrift in incidenteel hoger beroep, punt 5.14 onder A). Binnen de keuzemogelijkheid die art. 7:681 BW een werknemer biedt, heeft de werkneemster in het onderhavige geval dus gekozen voor vernietiging van de opzegging van de arbeidsovereenkomst en niet voor toekenning van een billijke vergoeding.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fe7e6fde70d6ee6d9e9898f59e8ea7db204065cb3e7cf3da45e0301aead436b8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fe7e6fde70d6ee6d9e9898f59e8ea7db204065cb3e7cf3da45e0301aead436b8, en de alinea staat in dat document op bytes 25314 tot 26251.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fe7e6fde70d6ee6d9e9898f59e8ea7db204065cb3e7cf3da45e0301aead436b8 | shasum -a 256