Citaat | Hoge Raad 29 maart 2019
Onder 3.2.4 Hoge Raad 29 maart 2019
Een alinea uit Hoge Raad 29 maart 2019, ECLI:NL:HR:2019:443.
Art. 7 lid 1 Rv is ontleend aan (thans) art. 8, aanhef en onder 1, Verordening (EU) nr. 1215/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2012 betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken (herschikking) (PbEU 2012, L 351/1; hierna: Verordening Brussel I-bis). Dit brengt mee dat de rechtspraak van het HvJEU over laatstgenoemde bepaling en haar voorlopers van belang kan zijn bij de uitleg van art. 7 lid 1 Rv. (rov. 3.5)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2b73656ede0a2bb55b80bb371802c8125698c50657cf3d6b849bf574855b6df0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2b73656ede0a2bb55b80bb371802c8125698c50657cf3d6b849bf574855b6df0, en de alinea staat in dat document op bytes 16005 tot 16535.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2b73656ede0a2bb55b80bb371802c8125698c50657cf3d6b849bf574855b6df0 | shasum -a 256