Citaat | Hoge Raad 2 april 2019
Onder 3.2.1. Hoge Raad 2 april 2019
Een alinea uit Hoge Raad 2 april 2019, ECLI:NL:HR:2019:474.
"hij op tijdstippen in de periode van 14 februari 2009 tot en met 23 april 2009 in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander van het plegen van witwassen een gewoonte heeft gemaakt, immers hebben verdachte en zijn mededader toen en daar (telkens) meermalen (van) enige geldbedragen verborgen en/of verhuld wie de rechthebbende(n) was/waren van bovengenoemd(e) geldbedragen terwijl hij, verdachte en zijn mededader wisten dat de bovengenoemde geldbedragen - onmiddellijk of middellijk - afkomstig waren van enig misdrijf,
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c2ce5e65f5a97885b2d5a6a4ce7d72270732906666c39c6ed1c251b226191cad. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c2ce5e65f5a97885b2d5a6a4ce7d72270732906666c39c6ed1c251b226191cad, en de alinea staat in dat document op bytes 7915 tot 8457.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c2ce5e65f5a97885b2d5a6a4ce7d72270732906666c39c6ed1c251b226191cad | shasum -a 256