Citaat | Hoge Raad 15 januari 2019
Onder 3.2.2. Hoge Raad 15 januari 2019
Een alinea uit Hoge Raad 15 januari 2019, ECLI:NL:HR:2019:49.
Uit het bovenstaande leidt het hof af dat de verdachte zich tezamen en in vereniging met [betrokkene 1] en andere personen heeft schuldig gemaakt aan deinvoer van cocaïne op 28 mei 2012. De verdachte stond in contact met [betrokkene 1], die als bagagemedewerker op Schiphol de cocaïne moest onderscheppen, en andere personen aan de kant van de verzenders van de cocaïne vanuit Ecuador. Hij laat het [betrokkene 1] weten wanneer 'zij' klaar zijn en spreekt af met [betrokkene 1] dat hij deze mannen onder druk zal zetten om het ticket te kopen. De verdachte regelde met [betrokkene 1] aan de hand van zijn rooster en de beschikbare vluchten op welke dagen de cocaïne ingevoerd kon worden. Toen alles rond was, liet hij dit weten aan [betrokkene 1] en gaf hij de benodigde informatie met betrekking tot de vlucht, de koffer en de passagier door aan [betrokkene 1] om de cocaïne te kunnen onderscheppen. Als blijkt dat het fout is gegaan, laat [betrokkene 1] dit weten aan de verdachte en spreken zij af elkaar te ontmoeten. De verdachte maakt zich druk om wat hij tegen de anderen moet zeggen. (...)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9a3f85b6306a4dcc60b754866df211dd61c5e102558cc2908f0e0d1bd02c0109. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9a3f85b6306a4dcc60b754866df211dd61c5e102558cc2908f0e0d1bd02c0109, en de alinea staat in dat document op bytes 10363 tot 11479.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9a3f85b6306a4dcc60b754866df211dd61c5e102558cc2908f0e0d1bd02c0109 | shasum -a 256