Citaat | Hoge Raad 9 april 2019

Onder 4.3.1. Hoge Raad 9 april 2019

Een alinea uit Hoge Raad 9 april 2019, ECLI:NL:HR:2019:546.

50. Om te beoordelen of er sprake is van schending van het beginsel van doeltreffendheid van het Unierecht, moet worden vastgesteld of de onmogelijkheid om op grond van § 363a van het wetboek van strafvordering te verzoeken om een strafrechtelijke procedure die is afgesloten met een in kracht van gewijsde gegane beslissing, over te doen, door zich te beroepen op de schending van een door het Unierecht gewaarborgd grondrecht, zoals het grondrecht dat is neergelegd in artikel 50 van het Handvest en artikel 54 SUO, het in de praktijk onmogelijk of uiterst moeilijk maakt om de door de rechtsorde van de Unie verleende rechten uit te oefenen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/531bfcdd158bc3331938a92e6d1fcf2dcf3932c926512faadaf518a7c21015ff. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 531bfcdd158bc3331938a92e6d1fcf2dcf3932c926512faadaf518a7c21015ff, en de alinea staat in dat document op bytes 31115 tot 31773.