Citaat | Hoge Raad 23 april 2019
Onder 3.2.1 Hoge Raad 23 april 2019
Een alinea uit Hoge Raad 23 april 2019, ECLI:NL:HR:2019:601.
Aan de getuige Q5 is op vordering van de officier van justitie door de rechter-commissaris de status verleend van bedreigde getuige als bedoeld in artikel 226a Sv. De getuige heeft een verklaring afgelegd bij enkele opsporingsambtenaren. De samengevatte zakelijke inhoud daarvan, ook wel aangeduid als de rompverklaring, is vastgelegd in een proces-verbaal van de officier van justitie. Na de statusverlening door de rechter-commissaris is de getuige in twee rondes gehoord door de rechter-commissaris aan de hand van schriftelijke vragen van de officier van justitie en van de verdediging. Bij deze verhoren zijn in de loop der tijd twee rechters-commissarissen betrokken geweest. Zij hebben ieder voor zich geoordeeld dat de getuige betrouwbaar is. Wat betreft de zaak van de verdachte [verdachte] is een afzonderlijke beslissing tot statusverlening genomen door de rechter-commissaris, enkele maanden nadat de verdachte was gedagvaard in de zaak-Passage. In een aanvullend verhoor in die zaak heeft de getuige geantwoord te blijven bij de eerder afgelegde verklaringen. (...)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0752faffabfad3d170c7945d33fb21b23e0f8c11b751196ebb70ab5252b46ce4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0752faffabfad3d170c7945d33fb21b23e0f8c11b751196ebb70ab5252b46ce4, en de alinea staat in dat document op bytes 72137 tot 73228.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0752faffabfad3d170c7945d33fb21b23e0f8c11b751196ebb70ab5252b46ce4 | shasum -a 256