Citaat | Hoge Raad 23 april 2019
Onder 3.10. Hoge Raad 23 april 2019
Een alinea uit Hoge Raad 23 april 2019, ECLI:NL:HR:2019:601.
Indien de officier van justitie het voornemen heeft een afspraak te maken die, eventueel naast de toezegging dat in de strafzaak tegen de getuige strafvermindering met toepassing van art. 44a Sr zal worden gevorderd, (ook) een toezegging inhoudt met betrekking tot de vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel als bedoeld in art. 511b, eerste lid, Sv, houdt die afspraak rechtstreeks verband met de door de rechter op grond van art. 511e, eerste lid, Sv in verbinding met de art. 348 en 350 Sv te nemen beslissing omtrent de oplegging van een ontnemingsmaatregel. Het door art. 226g, eerste lid laatste volzin, Sv in samenhang met art. 44a Sr bepaalde kader voorziet er niet in dat zo een toezegging voorwerp is van een afspraak in de zin van art. 226g, eerste lid, Sv.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0752faffabfad3d170c7945d33fb21b23e0f8c11b751196ebb70ab5252b46ce4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0752faffabfad3d170c7945d33fb21b23e0f8c11b751196ebb70ab5252b46ce4, en de alinea staat in dat document op bytes 27523 tot 28326.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0752faffabfad3d170c7945d33fb21b23e0f8c11b751196ebb70ab5252b46ce4 | shasum -a 256