Citaat | Hoge Raad 23 april 2019

Onder 4.1. Hoge Raad 23 april 2019

Een alinea uit Hoge Raad 23 april 2019, ECLI:NL:HR:2019:601.

Het middel klaagt in de kern dat het Hof ten onrechte is afgeweken van het door de verdediging in deze zaak ingenomen uitdrukkelijk onderbouwde standpunt dat op grond van art. 226g, eerste lid, Sv aan een verdachte in ruil voor zijn bereidheid om als getuige een verklaring af te leggen in de strafzaak tegen een andere verdachte, geen andere toezegging mag worden gedaan dan de toezegging dat met inachtneming van art. 44a, tweede lid, Sr strafvermindering zal worden gevorderd in de strafzaak waarin deze getuige zelf als verdachte terechtstaat, omdat art. 226g Sv uitgaat van een "gesloten stelsel".

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0752faffabfad3d170c7945d33fb21b23e0f8c11b751196ebb70ab5252b46ce4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0752faffabfad3d170c7945d33fb21b23e0f8c11b751196ebb70ab5252b46ce4, en de alinea staat in dat document op bytes 39796 tot 40412.