Citaat | Hoge Raad 16 april 2019
Onder 2.2. Hoge Raad 16 april 2019
Een alinea uit Hoge Raad 16 april 2019, ECLI:NL:HR:2019:612.
De rechter is van oordeel dat het klaagschrift ten aanzien van de bankgarantie niet-ontvankelijk verklaard dient te worden. De onderhavige bankgarantie is met instemming van klager en het openbaar ministerie verstrekt in het kader van een zekerheidstelling ex artikel 118a van het Wetboek van Strafvordering. De gestelde zekerheid strekt tot verhaal voor de op te leggen geldboete of verplichting tot betaling van een geldbedrag ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel in de zin van artikel 94a van het Wetboek van Strafvordering. Na een dergelijke zekerheidstelling is het beslag op de inbeslaggenomen goederen opgeheven en zijn deze goederen teruggegeven aan klager. Het beslag is hiermee geëindigd en er rust geen beslag op de zekerheid in dit geval de bankgarantie. Nu er geen sprake is van beslag op de bankgarantie, is beklag ex artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering ten aanzien van de bankgarantie niet mogelijk is."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a7641ecd89aa4289ee836ad5d90e355eabf0875d72d79ebd05fb7c22a92d31f6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a7641ecd89aa4289ee836ad5d90e355eabf0875d72d79ebd05fb7c22a92d31f6, en de alinea staat in dat document op bytes 8319 tot 9279.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a7641ecd89aa4289ee836ad5d90e355eabf0875d72d79ebd05fb7c22a92d31f6 | shasum -a 256