Citaat | Hoge Raad 19 april 2019

Onder 3.2.1 Hoge Raad 19 april 2019

Een alinea uit Hoge Raad 19 april 2019, ECLI:NL:HR:2019:641.

Egelinck vordert in deze procedure dat [verweerder] wordt veroordeeld tot betaling aan haar van € 135.600,--, zijnde € 150.000,-- minus het hiervoor in 3.1 onder (iii) genoemde bedrag van € 14.400,--. Aan deze vordering heeft Egelinck ten grondslag gelegd dat tussen partijen is afgesproken dat [verweerder] voor het appartementsrecht, naast de koopsom van € 416.000,-- zoals deze blijkt uit de notariële akte, nog een bedrag van € 150.000,-- zou betalen, welk bedrag, naast de in de notariële akte opgenomen hypothecaire lening van € 216.000,--, eveneens door Egelinck aan [verweerder] is geleend.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a8e5cdaa08aef53c73aeb80b7d27696dc0b149e9f82235cf70edc186e79fb45c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a8e5cdaa08aef53c73aeb80b7d27696dc0b149e9f82235cf70edc186e79fb45c, en de alinea staat in dat document op bytes 8665 tot 9290.