Citaat | Hoge Raad 19 april 2019

Onder 3.5.3 Hoge Raad 19 april 2019

Een alinea uit Hoge Raad 19 april 2019, ECLI:NL:HR:2019:650.

Art. 56 ROW 1995 bepaalt dat door een licentie van de octrooihouder de bevoegdheid wordt verkregen handelingen te verrichten, die volgens art. 53 ROW 1995 aan anderen dan hem niet vrijstaan. Indien degene die de geoctrooieerde uitvinding toepast daarvoor een licentie heeft, kan van indirecte inbreuk als bedoeld in art. 73 ROW 1995 dus geen sprake zijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cfd94a1963d2390c95fd71476d608a03e7e523117ea8be2bc410bcee23926b5e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cfd94a1963d2390c95fd71476d608a03e7e523117ea8be2bc410bcee23926b5e, en de alinea staat in dat document op bytes 61976 tot 62343.