Citaat | Hoge Raad 17 mei 2019
Onder 3.4.3 Hoge Raad 17 mei 2019
Een alinea uit Hoge Raad 17 mei 2019, ECLI:NL:HR:2019:757.
Het oordeel van het hof in rov. 5.7.4 van zijn eindarrest dat het niet heeft bedoeld om in rov. 4.9.10 van zijn tussenarrest te beslissen zoals het onderdeel veronderstelt, is niet onbegrijpelijk. Rov. 4.9.10 van het tussenarrest is immers naar het kennelijke en, gelet op de tekst van die rechtsoverweging, niet onbegrijpelijke oordeel van het hof slechts dragend voor zijn oordeel dat geen belang bestaat bij teruglevering, maar niet bedoeld om al vooruit te lopen op de omvang van de aanvullende schadeloosstelling of de wijze waarop die bepaald zou moeten worden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a7fe05f4fde0134af9faf4b757ade4f275755d75aa9aa06a8e4afcd9436028fd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a7fe05f4fde0134af9faf4b757ade4f275755d75aa9aa06a8e4afcd9436028fd, en de alinea staat in dat document op bytes 25601 tot 26182.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a7fe05f4fde0134af9faf4b757ade4f275755d75aa9aa06a8e4afcd9436028fd | shasum -a 256