Citaat | Hoge Raad 21 mei 2019
Onder 2.2.5. Hoge Raad 21 mei 2019
Een alinea uit Hoge Raad 21 mei 2019, ECLI:NL:HR:2019:780.
Nee, Ik zeg toch, toen ik het wapen gooide en aan de kant kwam wou ik eigenlijk, [verbalisant 2] , terug, maar omdat ik dan helemaal terug moest lopen, dacht ik nee laat maar, ik loop door. Want voor hetzelfde geld, het was schemerig dit en dat, mensen kunnen je zien of wat dan ook, ben ik door gelopen. De afstand was niet zo groot, dus in paniek gooide ik het wapen weg, Ik dacht die komt in die plomp, maar hij kwam aan de zijkant. Maar als ik hier zo dinge, moest ik helemaal terug lopen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8b654e72e0b32571afb36113c418c46bd50e46c7890ad3ef51208d494fe3de2b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8b654e72e0b32571afb36113c418c46bd50e46c7890ad3ef51208d494fe3de2b, en de alinea staat in dat document op bytes 36635 tot 37141.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8b654e72e0b32571afb36113c418c46bd50e46c7890ad3ef51208d494fe3de2b | shasum -a 256