Citaat | Hoge Raad 14 juni 2019
Onder 2.1.1. Hoge Raad 14 juni 2019
Een alinea uit Hoge Raad 14 juni 2019, ECLI:NL:HR:2019:816.
Belanghebbende en zijn echtgenote hebben voor het jaar 2014 aangifte inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen (hierna: IB/PVV) gedaan naar onder meer een gezamenlijke rendementsgrondslag voor het inkomen uit sparen en beleggen (hierna: box 3) van € 149.349, bestaande uit bezittingen ter waarde van € 191.627 min het heffingvrije vermogen van € 42.278. De helft daarvan (€ 74.675) is bij belanghebbende in aanmerking genomen, de andere helft bij zijn echtgenote. De bezittingen bestonden op 1 januari 2014 uitsluitend uit bank- en spaartegoeden. Op die tegoeden is in 2014 € 1.911 aan rente ontvangen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eff418fd3571509cbbbc0ad22c10803d77f2ca533c681cca650552ff62f157b8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eff418fd3571509cbbbc0ad22c10803d77f2ca533c681cca650552ff62f157b8, en de alinea staat in dat document op bytes 6804 tot 7432.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/eff418fd3571509cbbbc0ad22c10803d77f2ca533c681cca650552ff62f157b8 | shasum -a 256