Citaat | Hoge Raad 30 juni 2020
Onder 2.2.2 Hoge Raad 30 juni 2020
Een alinea uit Hoge Raad 30 juni 2020, ECLI:NL:HR:2020:1149.
Via WhatsApp heeft hij mij verder uitgelegd hoe het in zijn werk zou gaan met de telefoons. We hadden afgesproken op 19 september (het hof begrijpt: 2015) bij de Jumbo op de [b-straat 1] in Haarlem. Ik ben daarheen gelopen. Vervolgens kwam er een man de Jumbo uitlopen. Hij sprak mij aan en ik hoorde hem zeggen. Sta je op iemand te wachten? Ik begreep hieruit dat dit de man was waarmee ik had afgesproken. Vervolgens liepen we naar zijn auto. We zijn vervolgens naar het [c-straat] in Amsterdam (het hof begrijpt, gereden). Ik hoorde hem (het hof begrijpt: “[betrokkene 6]”) zeggen dat ik een abonnement moest afsluiten waarbij je een iPhone 6 krijgt. Ik heb dat vervolgens gedaan. Ik heb in de winkel een abonnement afgesloten en heb de iPhone direct meegekregen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/27883df21c4ae193222488b4044b8b49056422e81c3533438412ceeb0e2108f3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 27883df21c4ae193222488b4044b8b49056422e81c3533438412ceeb0e2108f3, en de alinea staat in dat document op bytes 13123 tot 13906.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/27883df21c4ae193222488b4044b8b49056422e81c3533438412ceeb0e2108f3 | shasum -a 256