Citaat | Hoge Raad 24 januari 2020
Onder 3.1.7 Hoge Raad 24 januari 2020
Een alinea uit Hoge Raad 24 januari 2020, ECLI:NL:HR:2020:115.
De Hoge Raad is van oordeel dat de prejudiciële vragen 5, 7 en 8 van het Hof niet kunnen worden beantwoord voordat het Hof van Justitie in de zaak met nummer C-156/17 de door de Hoge Raad bij arrest van 3 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:342, aan dat hof voorgelegde prejudiciële vragen heeft beantwoord. De Hoge Raad houdt daarom de beantwoording van deze vragen aan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/084a84aba1174fd9a462f9145ed4ca74d4404a9683f915f5f6cd4cf63de03f5e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 084a84aba1174fd9a462f9145ed4ca74d4404a9683f915f5f6cd4cf63de03f5e, en de alinea staat in dat document op bytes 17256 tot 17634.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/084a84aba1174fd9a462f9145ed4ca74d4404a9683f915f5f6cd4cf63de03f5e | shasum -a 256