Citaat | Hoge Raad 28 januari 2020

Onder 2.4 Hoge Raad 28 januari 2020

Een alinea uit Hoge Raad 28 januari 2020, ECLI:NL:HR:2020:122.

Vooropgesteld dient te worden dat het in art. 273f, eerste lid, Sr voorkomende bestanddeel ‘(oogmerk van) uitbuiting’ in de wet niet is gedefinieerd, anders dan door de opsomming in het tweede lid van een aantal vormen van uitbuiting, waaronder uitbuiting van een ander in de prostitutie. De vraag of - en zo ja, wanneer - sprake is van ‘uitbuiting’ in de zin van de onderhavige bepaling, is niet in algemene termen te beantwoorden, maar is sterk verweven met de omstandigheden van het geval (vgl. HR 27 oktober 2009, ECLI:NL:HR:2009:BI7099, rov. 2.6.1).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/04d5bcfd3e4506b44bc9c1add6dc1688ab9ae2023673ad1ccf572b38157c6605. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 04d5bcfd3e4506b44bc9c1add6dc1688ab9ae2023673ad1ccf572b38157c6605, en de alinea staat in dat document op bytes 20776 tot 21351.