Citaat | Hoge Raad 10 juli 2020
Onder 3.1 Hoge Raad 10 juli 2020
Een alinea uit Hoge Raad 10 juli 2020, ECLI:NL:HR:2020:1243.
Onderdeel 3 van het middel klaagt in de kern dat het hof (in rov. 2.8) ten onrechte heeft geoordeeld dat eiser niet-ontvankelijk is omdat hij in staat van faillissement verkeerde op het moment dat de inleidende dagvaarding werd uitgebracht. Volgens het onderdeel kan een beroep op niet-ontvankelijkheid van de eisende partij op de grond dat die partij in staat van faillissement verkeerde op het moment dat de inleidende dagvaarding werd uitgebracht, niet met succes worden gedaan nadat het faillissement van de eisende partij is geëindigd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ca4e97e4a8d1bdb454174f11e5ea891a57dcb9649b87091b274d08ef37bcd80f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ca4e97e4a8d1bdb454174f11e5ea891a57dcb9649b87091b274d08ef37bcd80f, en de alinea staat in dat document op bytes 9327 tot 9881.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ca4e97e4a8d1bdb454174f11e5ea891a57dcb9649b87091b274d08ef37bcd80f | shasum -a 256