Citaat | Hoge Raad 31 januari 2020
Onder 3.5 Hoge Raad 31 januari 2020
Een alinea uit Hoge Raad 31 januari 2020, ECLI:NL:HR:2020:144.
Daargelaten derhalve dat voor een zuiver taalkundige uitleg van de desbetreffende contractuele bepalingen geen plaats is, is het hof allereerst van oordeel dat in de overeenkomst taalkundig gezien geen overeenstemming over de betaling van een dergelijke bijdrage valt te lezen. Blijkens het bepaalde in artikel 1 sub e en g AV wordt onderscheid gemaakt tussen de installatie en de aansluiting. Uitdrukkelijk is in artikel 12 lid 1 AV vermeld dat de afnemer bedragen verschuldigd is voor de levering, de meting van verbruik, en voor het tot stand brengen, instandhouden, uitbreiden of wijziging van een aansluiting. Er is niet opgenomen dat de afnemer ook een bijdrage dient te voldoen voor de oprichtingskosten van de installatie.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d9a84cbcd5f55dc274d05ba88476039dd4f009de3b036dd3cf9bd6923e799738. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d9a84cbcd5f55dc274d05ba88476039dd4f009de3b036dd3cf9bd6923e799738, en de alinea staat in dat document op bytes 14700 tot 15443.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d9a84cbcd5f55dc274d05ba88476039dd4f009de3b036dd3cf9bd6923e799738 | shasum -a 256