Citaat | Hoge Raad 29 september 2020

Onder 2.3 Hoge Raad 29 september 2020

Een alinea uit Hoge Raad 29 september 2020, ECLI:NL:HR:2020:1523.

In de met deze ontnemingsprocedure verband houdende strafzaak is onder meer bewezenverklaard dat de betrokkene in de periode 19 juli 2012 tot en met 27 november 2012 zich schuldig heeft gemaakt aan deelneming aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven. Het hof heeft kennelijk geoordeeld dat “voldoende aanwijzingen” bestaan dat de betrokkene ook voorafgaand aan die periode in 2011 en 2012 heeft deelgenomen aan een criminele organisatie, waarbij die deelneming kan worden aangemerkt als ander strafbaar feit in de zin van artikel 36e lid 2 van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr), en voor zover het gaat om de periode voor 1 juli 2011, als soortgelijk feit als bedoeld in artikel 36e lid 2 (oud) Sr. Het hof heeft het door de betrokkene over de periode van 1 januari 2011 tot en met 27 november 2012 wederrechtelijk verkregen voordeel geschat op € 167.642,48.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/804bbd7652470e3119ead62fb54d7fec6069890fbf4a7f945621822da265883f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 804bbd7652470e3119ead62fb54d7fec6069890fbf4a7f945621822da265883f, en de alinea staat in dat document op bytes 39423 tot 40332.