Citaat | Hoge Raad 31 januari 2020

Onder 2.2.2 Hoge Raad 31 januari 2020

Een alinea uit Hoge Raad 31 januari 2020, ECLI:NL:HR:2020:154.

In het door het Hof verworpen betoog van belanghebbende ligt besloten een verzoek om vergoeding van wettelijke rente op grond van artikel 6:119 BW wegens vertraging in de vergoeding van het in hoger beroep betaalde griffierecht. Gelet op het arrest van de Hoge Raad van 21 december 2018, ECLI:NL:HR:2018:2358, had het Hof daarom in zijn uitspraak de beslissing moeten opnemen dat belanghebbende recht heeft op vergoeding van die rente vanaf vier weken na de datum waarop het Hof uitspraak heeft gedaan . Middel IV slaagt in zoverre.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2a5295ae411b2e2447dcab549728d22ea401e2094cb97fe4c7d819b9b60eb0ea. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2a5295ae411b2e2447dcab549728d22ea401e2094cb97fe4c7d819b9b60eb0ea, en de alinea staat in dat document op bytes 7522 tot 8130.