Citaat | Hoge Raad 27 oktober 2020
Onder 3.3.4 Hoge Raad 27 oktober 2020
Een alinea uit Hoge Raad 27 oktober 2020, ECLI:NL:HR:2020:1642.
Het oordeel dat sprake is van zo een aantasting in de persoon ‘op andere wijze’ is, zonder nadere motivering, die ontbreekt, niet begrijpelijk, nu het hof niets heeft vastgesteld over de aard en de ernst van de normschending en van de gevolgen daarvan voor de benadeelde. In dat verband verdient opmerking dat de enkele omstandigheid dat de (hoogte van de) schadevergoeding in hoger beroep niet is weersproken niet volstaat ter motivering van het oordeel dat zich een van de gevallen voordoet waarin grond bestaat voor vergoeding van immateriële schade (vgl. HR 15 oktober 2019, ECLI:NL:HR:2019:1465).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fd97682c1d1163fb866e0c316110856a51a709052733872cd4c28726a87ea293. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fd97682c1d1163fb866e0c316110856a51a709052733872cd4c28726a87ea293, en de alinea staat in dat document op bytes 16181 tot 16800.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fd97682c1d1163fb866e0c316110856a51a709052733872cd4c28726a87ea293 | shasum -a 256