Citaat | Hoge Raad 23 oktober 2020

Onder 5.6.9 Hoge Raad 23 oktober 2020

Een alinea uit Hoge Raad 23 oktober 2020, ECLI:NL:HR:2020:1674.

Het beleggingsfonds dat aanspraak maakt op teruggaaf van dividendbelasting draagt de last de feiten aannemelijk te maken die ten grondslag liggen aan de stelling dat het fonds aan de aandeelhouderseisen voldoet. Uit het arrest Deka, punt 61, volgt dat het recht van de Unie hieraan niet in de weg staat; van een beleggingsfonds mag het bewijs worden verlangd dat noodzakelijk is om te beoordelen of het fonds voldoet aan de voorwaarden van het fbi-regime en of het aanspraak heeft op teruggaaf van dividendbelasting. Aan een niet-ingezeten fonds mogen in het kader van de bewijslevering echter geen buitensporig zware administratieve lasten worden opgelegd waardoor het de facto niet in aanmerking komt voor een teruggaaf van dividendbelasting (het arrest Deka, punt 62).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/28fc07220512923ab6a5f101d08311fc7a4215466773cdd71828a9b030cf0a36. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 28fc07220512923ab6a5f101d08311fc7a4215466773cdd71828a9b030cf0a36, en de alinea staat in dat document op bytes 63796 tot 64581.