Citaat | Hoge Raad 23 oktober 2020

Onder 2.3.5 Hoge Raad 23 oktober 2020

Een alinea uit Hoge Raad 23 oktober 2020, ECLI:NL:HR:2020:1674.

De Hoge Raad heeft bij brief van 7 juli 2017 het Hof van Justitie bericht gebruik te maken van de in artikel 29gc, lid 9 AWR bedoelde aan hem toekomende bevoegdheid om de vragen die de Rechtbank in de Britse zaak heeft gesteld ondanks de intrekking ervan te beantwoorden. De Hoge Raad heeft daarom te kennen gegeven de aan dat Hof gestelde vragen in de Britse zaak (C-157/17) te handhaven ondanks intrekking van die zaak bij de Rechtbank.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/28fc07220512923ab6a5f101d08311fc7a4215466773cdd71828a9b030cf0a36. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 28fc07220512923ab6a5f101d08311fc7a4215466773cdd71828a9b030cf0a36, en de alinea staat in dat document op bytes 13540 tot 13992.