Citaat | Hoge Raad 13 november 2020

Onder 3.1 Hoge Raad 13 november 2020

Een alinea uit Hoge Raad 13 november 2020, ECLI:NL:HR:2020:1779.

Middel IV richt zich onder meer tegen de hiervoor in 2.7.2 weergegeven oordelen van het Hof. Indien de RDW het kenteken te naam stelt zonder verkrijging van het zogenoemde fiscaal akkoord van de Belastingdienst, is volgens het middel voor teruggaaf van bpm op de voet van artikel 14a van de Wet voldoende dat ter zake van de registratie van het motorrijtuig bpm verschuldigd is geworden. Volgens middel IV moet het voor risico van de fiscus komen wanneer de heffing of invordering van ter zake van de registratie van het motorrijtuig verschuldigd geworden bpm niet slaagt, en is de inspecteur gehouden op de voet van artikel 14a van de Wet aan degene die het desbetreffende motorrijtuig buiten Nederland heeft gebracht en in een andere lidstaat heeft geregistreerd, een bedrag uit te betalen dat gelijk is aan het na afschrijving volgens de wettelijke afschrijvingstabel resterende bedrag aan bpm.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/adddadea37d390a12c6c9c83ca6c649cf0ca46a173f4d2098b76a62eb01b8a42. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt adddadea37d390a12c6c9c83ca6c649cf0ca46a173f4d2098b76a62eb01b8a42, en de alinea staat in dat document op bytes 10493 tot 11404.