Citaat | Hoge Raad 13 november 2020
Onder 3.2 Hoge Raad 13 november 2020
Een alinea uit Hoge Raad 13 november 2020, ECLI:NL:HR:2020:1779.
De wijze waarop het terug te geven bedrag aan bpm in overeenstemming moet worden gebracht met die gebruiksduur in Nederland, is neergelegd in artikel 14a, lid 4, van de Wet in samenhang gelezen met artikel 8d van de Uitvoeringsregeling belasting van personenauto’s en motorrijwielen 1992 (hierna: de Uitvoeringsregeling). Volgens artikel 14a, lid 4, tweede volzin, van de Wet wordt in het geval dat voor het motorrijtuig al eerder teruggaaf van bpm is verleend, teruggaaf slechts verleend voor zover de eerder teruggegeven belasting op een later tijdstip alsnog als verschuldigde belasting is voldaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/adddadea37d390a12c6c9c83ca6c649cf0ca46a173f4d2098b76a62eb01b8a42. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt adddadea37d390a12c6c9c83ca6c649cf0ca46a173f4d2098b76a62eb01b8a42, en de alinea staat in dat document op bytes 12581 tot 13212.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/adddadea37d390a12c6c9c83ca6c649cf0ca46a173f4d2098b76a62eb01b8a42 | shasum -a 256