Citaat | Hoge Raad 24 november 2020

Onder 3.5 Hoge Raad 24 november 2020

Een alinea uit Hoge Raad 24 november 2020, ECLI:NL:HR:2020:1871.

Het oordeel van het hof dat sprake is van een aantasting in de persoon op andere wijze als bedoeld in artikel 6:106, aanhef en onder b, BW getuigt niet van een onjuiste rechtsopvatting en is niet onbegrijpelijk, nu het hof met betrekking tot de aard en ernst van de normschending heeft vastgesteld dat sprake is van een inbreuk op een fundamenteel recht van het minderjarige slachtoffer, namelijk het zelfbeschikkingsrecht en de lichamelijke integriteit, en ook de gevolgen daarvan voor het slachtoffer in aanmerking heeft genomen, zoals blijkt uit het hiervoor weergegeven schade-onderbouwingsformulier. Daarmee heeft het hof zijn oordeel toereikend gemotiveerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2dde5468d0d72956a53783db263fb1d57ba4116f559d9aa9ba490579b976d425. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2dde5468d0d72956a53783db263fb1d57ba4116f559d9aa9ba490579b976d425, en de alinea staat in dat document op bytes 22785 tot 23461.