Citaat | Hoge Raad 27 november 2020

Onder 2.4 Hoge Raad 27 november 2020

Een alinea uit Hoge Raad 27 november 2020, ECLI:NL:HR:2020:1887.

De dienstverlening van de notaris voor de vrouw en de man heeft plaatsgevonden op 29 april 1992, namelijk bij het passeren van de akte van huwelijkse voorwaarden. De prestatie van de notaris hield eveneens in dat de akte van huwelijkse voorwaarden werd ingeschreven in het huwelijksgoederenregister. Naar het oordeel van het hof is het de verantwoordelijkheid van de notaris om te controleren dat die inschrijving ook daadwerkelijk wordt uitgevoerd. Dat de notaris niet zelf heeft gecontroleerd dat de akte was ingeschreven, maar deze taak aan een medewerker van zijn kantoor heeft overgelaten, komt voor zijn rekening en risico. Omdat een akte van huwelijkse voorwaarden pas derdenwerking krijgt veertien dagen nadat deze is ingeschreven, dient de notaris zorg ervoor te dragen dat de akte van huwelijkse voorwaarden met de meeste spoed wordt ingeschreven in het huwelijksgoederenregister. Voorts dient hij te controleren of de inschrijving ook daadwerkelijk heeft plaatsgevonden. Het tijdstip van het passeren van de akte van huwelijkse voorwaarden – te vermeerderen met een termijn van zes weken – bepaalt of de notaris is tekortgeschoten in zijn dienstverlening. Naar het oordeel van het hof is de verjaringstermijn met betrekking tot gebreken in de dienstverlening gaan lopen zes weken na 29 april 1992. (rov. 7)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/00fdeeb7158e3abd3fc338e4d6d6ce1be2b798a2364f23374b9994d633d29c9a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 00fdeeb7158e3abd3fc338e4d6d6ce1be2b798a2364f23374b9994d633d29c9a, en de alinea staat in dat document op bytes 9414 tot 10749.