Citaat | Hoge Raad 1 december 2020
Onder 2 Hoge Raad 1 december 2020
Een alinea uit Hoge Raad 1 december 2020, ECLI:NL:HR:2020:1889.
2.3.5 Gelet op het onder 2.1.3 genoemde uitgangspunt van subsidiariteit is het aangewezen dat indien grond bestaat voor het verbinden van een rechtsgevolg aan het vormverzuim en het door het vormverzuim veroorzaakte nadeel zich laat compenseren door strafvermindering, daarmee wordt volstaan. De toepassing van strafvermindering heeft immers in het licht van de met vervolging en berechting van strafbare feiten gemoeide belangen aanmerkelijk minder verstrekkende of willekeurige consequenties dan niet-ontvankelijkverklaring van het openbaar ministerie in de vervolging of – onder omstandigheden, afhankelijk van het resterende bewijsmateriaal en de redengevendheid daarvan voor een eventuele bewezenverklaring – de toepassing van bewijsuitsluiting.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/522dfe16b7a2cebc61b43381daa3ad93daa7a78bf5ca387c0cb151b1389a8623. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 522dfe16b7a2cebc61b43381daa3ad93daa7a78bf5ca387c0cb151b1389a8623, en de alinea staat in dat document op bytes 22784 tot 23551.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/522dfe16b7a2cebc61b43381daa3ad93daa7a78bf5ca387c0cb151b1389a8623 | shasum -a 256