Citaat | Hoge Raad 8 december 2020

Onder 2.2.2 Hoge Raad 8 december 2020

Een alinea uit Hoge Raad 8 december 2020, ECLI:NL:HR:2020:1967.

Vanaf het plantsoen is een blanke man met lang haar, dat hij in een paardenstaart droeg, met een driekwart jas al schietend in de richting van de woning met [a-straat 1] aan komen lopen. [betrokkene 5] en [betrokkene 4] hebben deze persoon als verdachte herkend. Op het moment van schieten stonden [betrokkene 2] en [betrokkene 5] nog in de voortuin van de woning. [betrokkene 1] , [betrokkene 4] , [betrokkene 6] (hierna: [betrokkene 6] ) en [betrokkene 7] (hierna: [betrokkene 7] ) waren in de woning op dat moment.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9fcdbafa5fd7a3afb6db70135d58006161a78d654180fe78e5da617e3e42a0ae. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9fcdbafa5fd7a3afb6db70135d58006161a78d654180fe78e5da617e3e42a0ae, en de alinea staat in dat document op bytes 10590 tot 11120.