Citaat | Hoge Raad 18 december 2020

Onder 2 Hoge Raad 18 december 2020

Een alinea uit Hoge Raad 18 december 2020, ECLI:NL:HR:2020:2095.

2.1.5 Belanghebbende heeft de omzetbelasting die zij ter zake van de invoer van elk jacht werd verschuldigd, met gebruikmaking van de verleggingsregeling als verschuldigd aangegeven in de aangifte over het tijdvak waarbinnen het desbetreffende jacht was ingevoerd. Zij is ervan uitgegaan dat zij het ter zake van de invoer verschuldigde bedrag aan omzetbelasting op grond van artikel 15, lid 1, aanhef en letter c, onder 1°, van de Wet in aftrek mocht brengen. Daarom heeft zij in dezelfde aangifte dat bedrag aan omzetbelasting in aftrek gebracht zodat per saldo ter zake van de invoer van het jacht geen omzetbelasting hoefde te worden betaald. Belanghebbende heeft de ter zake van de verhuur van de jachten verschuldigde omzetbelasting steeds op aangifte voldaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/296cb0bd24ee7595c94090aad0fcc70acd8276c9ca64d31c4a64a846c06af780. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 296cb0bd24ee7595c94090aad0fcc70acd8276c9ca64d31c4a64a846c06af780, en de alinea staat in dat document op bytes 11056 tot 11849.