Citaat | Hoge Raad 10 januari 2020

Onder 3.1.5 Hoge Raad 10 januari 2020

Een alinea uit Hoge Raad 10 januari 2020, ECLI:NL:HR:2020:26.

Onderdeel 4 is gericht tegen het oordeel van het hof (in rov. 5.3) dat de vorderingen van EPAL voor zover zij zijn gegrond op onrechtmatige daad, in de kern berusten op de stelling dat PHZ het EPAL-merk gebruikt en om die reden het lot van de op het merkenrecht gebaseerde vorderingen delen. Volgens onderdeel 4.1 heeft het hof eraan voorbijgezien dat EPAL heeft aangevoerd dat PHZ niet conform de daarvoor geldende strenge kwaliteitsnormen en specificaties reparaties uitvoert en zich onttrekt aan andere verplichtingen die EPAL-leden wel moeten naleven, terwijl PHZ wel pallets als europallets verhandelt. Hiermee profiteert PHZ ten koste van EPAL en haar leden van het EPAL-systeem, doet zij hun oneerlijke concurrentie aan en ondermijnt zij de EPAL-vereniging en haar systeem. Het onderdeel klaagt dat het hof ten onrechte niet heeft onderzocht of deze handelswijze onrechtmatig is jegens EPAL als collectieve merkhouder.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4ca37fc0a6eb14c83f7f0265e49f62a0bbec49a42363e8f442ae332fe32a34bd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4ca37fc0a6eb14c83f7f0265e49f62a0bbec49a42363e8f442ae332fe32a34bd, en de alinea staat in dat document op bytes 22977 tot 23915.