Citaat | Hoge Raad 18 februari 2020

Onder 2.5 Hoge Raad 18 februari 2020

Een alinea uit Hoge Raad 18 februari 2020, ECLI:NL:HR:2020:288.

Het middel klaagt voorts over de verwerping van het verweer dat aan de verdachte, nadat hij had gezegd “Nee, ik wil het alleen oplossen”, niet is medegedeeld dat hij op elk moment kan terugkomen van zijn beslissing om afstand te doen. Het oordeel van het Hof dat aan dat verzuim niet het rechtsgevolg van bewijsuitsluiting hoeft te worden verbonden omdat door de verdediging in het licht van de in het tweede lid van art. 359a Sv genoemde factoren ontoereikend is onderbouwd wat de ernst van dat verzuim en het daardoor veroorzaakte nadeel is, getuigt – gelet op wat onder 2.4.2 is vooropgesteld – niet van een onjuiste rechtsopvatting en is niet onbegrijpelijk. Ook in zoverre faalt het middel.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3c680dbbb54ed0ef38e9e6bf43ac3439b9661f6c053dbc3774716a18ab1151ca. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3c680dbbb54ed0ef38e9e6bf43ac3439b9661f6c053dbc3774716a18ab1151ca, en de alinea staat in dat document op bytes 33085 tot 33802.