Citaat | Hoge Raad 21 februari 2020
Onder 2.4 Hoge Raad 21 februari 2020
Een alinea uit Hoge Raad 21 februari 2020, ECLI:NL:HR:2020:320.
“7.3 Het hof stelt vast dat de rechtbank heeft beoogd één beschikking te geven op het verzoek van de GI, doch dat dit doel niet kon worden bereikt door de korte tijdspanne tussen de mondelinge behandeling ten overstaan van drie rechters op 27 augustus 2018 en het aflopen van de ondertoezichtstelling en de machtiging tot uithuisplaatsing op 30 augustus 2018. De rechtbank heeft aan het einde van de zitting aan de GI, de moeder (en haar gemachtigde) en de vader kenbaar gemaakt hoe zij dit probleem zou gaan oplossen: door aanstonds ter zitting voor een korte periode mondeling uitspraak te doen met de toezegging dat vóór 13 september 2018 een schriftelijke beschikking zal komen over het resterende deel van de verzoeken. Wat de rechtbank vervolgens gedaan heeft is één schriftelijk stuk vervaardigen dat zowel de vastlegging van het mondeling gegeven deel van 27 augustus 2018 bevat, als de nadere (schriftelijke) beslissing op het resterende deel van de verzoeken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dbd71fd6be65e9ce9aa8cb963c3d186cb4fd3dd7b2e4c7f99e21add4425d20b3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dbd71fd6be65e9ce9aa8cb963c3d186cb4fd3dd7b2e4c7f99e21add4425d20b3, en de alinea staat in dat document op bytes 10143 tot 11134.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dbd71fd6be65e9ce9aa8cb963c3d186cb4fd3dd7b2e4c7f99e21add4425d20b3 | shasum -a 256