Citaat | Hoge Raad 14 januari 2020

Onder 2 Hoge Raad 14 januari 2020

Een alinea uit Hoge Raad 14 januari 2020, ECLI:NL:HR:2020:41.

Nu de verdachte niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen, is niet in acht genomen het voorschrift van art. 437, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, zodat de verdachte in het beroep niet kan worden ontvangen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d16c133ea2ebbca033baffe4ba500d8fd1ac7d5a83cc8eb45b75eb833f3df5f7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d16c133ea2ebbca033baffe4ba500d8fd1ac7d5a83cc8eb45b75eb833f3df5f7, en de alinea staat in dat document op bytes 5391 tot 5726.