Citaat | Hoge Raad 7 april 2020

Onder 2.3.3 Hoge Raad 7 april 2020

Een alinea uit Hoge Raad 7 april 2020, ECLI:NL:HR:2020:433.

1. Op 16 september 2011 heeft [B] te Gdansk, Polen, een hoeveelheid van 140 ton brandstof, afkomstig van [C] , geleverd aan het zeeschip [naam 1] , in eigendom van rederij [D] . [C] is een leverancier van stookolie voor schepen. Het zeeschip [naam 1] is door het bedrijf [E] voor langere tijd ingehuurd om in lijndienst te varen tussen Tornio, Finland en Terneuzen;

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b4a094bcfacc72946c637cafc5864033bb1961f4b70f030047df8c1c8aff5569. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b4a094bcfacc72946c637cafc5864033bb1961f4b70f030047df8c1c8aff5569, en de alinea staat in dat document op bytes 15297 tot 15675.