Citaat | Hoge Raad 17 maart 2020

Onder 3.4 Hoge Raad 17 maart 2020

Een alinea uit Hoge Raad 17 maart 2020, ECLI:NL:HR:2020:445.

De gegrondheid van het cassatiemiddel leidt echter niet tot vernietiging van de bestreden uitspraak. Dat berust op het volgende. De door het hof opgelegde gevangenisstraf van drie maanden, waarvan twee maanden voorwaardelijk, ligt ver onder het strafmaximum van drie jaren dat zou gelden als met de steller van het middel van eendaadse samenloop zou worden uitgegaan, zodat de verdachte onvoldoende belang bij cassatie heeft. De omstandigheid dat de toegewezen vordering van de benadeelde partij tot een bedrag van € 2.000 ziet op immateriële schade als gevolg van het onder 1 en 2 bewezenverklaarde, maakt dat niet anders.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c248e1e6de6d7930ee64cb51cf00e676fcc78a40eb10aaf24bc4f50cf3c3e74e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c248e1e6de6d7930ee64cb51cf00e676fcc78a40eb10aaf24bc4f50cf3c3e74e, en de alinea staat in dat document op bytes 13776 tot 14415.