Citaat | Hoge Raad 24 maart 2020
Onder 3.2.4 Hoge Raad 24 maart 2020
Een alinea uit Hoge Raad 24 maart 2020, ECLI:NL:HR:2020:447.
Het hof stelt vast dat meerdere in de tenlastelegging omschreven bestanden weliswaar niet rechtstreeks opruien, maar wel een onmiskenbaar opruiend karakter hebben. Het gaat telkens om sterk suggestieve uitlatingen (verheerlijking van de strijd en het martelaarschap) die daarvoor vatbare geesten kunnen aansporen daadwerkelijk naar het strijdgebied in Syrië te vertrekken. Met de rechtbank is het hof van oordeel dat dat in elk geval geldt voor de preken van [betrokkene 23] getiteld ‘Het Graf’ en ‘Jihaad voor Allah’. Ook in de opiniebijdragen van [verdachte] worden IS(IS) en Al Qaida openlijk verheerlijkt (bijvoorbeeld in de opiniebijdragen van [verdachte] : AIVD, het traject van leugens en bedrog, en in ‘Het is tijd om toe te geven: Al Qaida wint de oorlog’).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4a2fd468a1eb6f99bd7db37bc285f2d8665dec4d90a926e3bc786b5d8b7ee64e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4a2fd468a1eb6f99bd7db37bc285f2d8665dec4d90a926e3bc786b5d8b7ee64e, en de alinea staat in dat document op bytes 90657 tot 91449.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4a2fd468a1eb6f99bd7db37bc285f2d8665dec4d90a926e3bc786b5d8b7ee64e | shasum -a 256