Citaat | Hoge Raad 20 maart 2020
Onder 3.2.2 Hoge Raad 20 maart 2020
Een alinea uit Hoge Raad 20 maart 2020, ECLI:NL:HR:2020:484.
In dit geval is geen sprake geweest van een rechtshandeling als zojuist bedoeld, maar van zaaksvervanging: de hypotheekrechten die waren gevestigd op het in de desbetreffende ruilverkaveling betrokken perceel, zijn ingevolge art. 160 lid 3 Liw (oud) als gevolg van de ruilverkaveling op een ander, vervangend perceel komen te rusten. Zodanige zaaksvervanging is niet het gevolg van een daarop gerichte rechtshandeling, maar berust rechtstreeks op laatstgenoemde wetsbepaling. Daarom is het feit dat de hypotheekrechten van Rabobank na de ruilverkaveling op het vervangende perceel zijn komen te rusten, niet een inschrijfbaar feit als bedoeld in art. 3:17 lid 1, onder a, BW en art. 3:24 lid 1 BW. Dit wordt niet anders doordat de hypotheekrechten die op het vervangende perceel zijn komen te rusten, feitelijk kunnen worden vermeld in de akte van toedeling (ruilverkavelingsakte) en die akte, na de inschrijving ervan in de openbare registers, de ruilverkaveling effectueert.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/165bcff51ae9b6f2247a35087d644f6262a3672725aa3770c49916a65c81063a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 165bcff51ae9b6f2247a35087d644f6262a3672725aa3770c49916a65c81063a, en de alinea staat in dat document op bytes 19273 tot 20327.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/165bcff51ae9b6f2247a35087d644f6262a3672725aa3770c49916a65c81063a | shasum -a 256