Citaat | Hoge Raad 27 maart 2020
Onder 3.1.1 Hoge Raad 27 maart 2020
Een alinea uit Hoge Raad 27 maart 2020, ECLI:NL:HR:2020:531.
Onderdeel 1 van het middel is gericht tegen het oordeel van het hof (in rov. 3.4.6) dat art. 6:237, aanhef en onder h, BW niet van toepassing is op het vervalbeding in art. 18 lid 6 AV, op de grond dat die bepaling ziet op andere vervalbedingen dan die tot verkorting van een wettelijke verjarings- of vervaltermijn. Het onderdeel klaagt dat dit oordeel getuigt van een onjuiste rechtsopvatting omdat het vervalbeding van art. 18 lid 6 AV geen wettelijke vervaltermijn verkort, en dat, voor zover art. 18 lid 6 AV een wettelijke verjaringstermijn verkort, art. 6:237, aanhef en onder h, BW wel van toepassing is. Als het hof een en ander niet heeft miskend, is zijn oordeel zonder nadere motivering onbegrijpelijk, aldus het onderdeel.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/345cf82f9477c409c2d390285772263414020384fba753955efb1fc487d26f37. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 345cf82f9477c409c2d390285772263414020384fba753955efb1fc487d26f37, en de alinea staat in dat document op bytes 16286 tot 17063.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/345cf82f9477c409c2d390285772263414020384fba753955efb1fc487d26f37 | shasum -a 256