Citaat | Hoge Raad 7 april 2020

Onder 3.2 Hoge Raad 7 april 2020

Een alinea uit Hoge Raad 7 april 2020, ECLI:NL:HR:2020:563.

25. In situaties waarin verkeersovertredingen strafrechtelijk worden afgedaan, geldt voor toekenning van een proceskostenvergoeding de regeling neergelegd in artikel 591a, eerste en tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering. Deze regeling komt erop neer dat slechts aanleiding bestaat voor vergoeding van proceskosten als de zaak eindigt zonder oplegging van straf of maatregel en zonder dat toepassing is gegeven aan artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht. Deze regeling geldt ook voor overtredingen die in ernst niet substantieel afwijken van gedragingen die via de Wahv worden afgedaan, maar door de wetgever niet onder het bereik van de Wahv zijn gebracht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e9032f634e88eb9a1f0a82e256799b95c8f7afb3548d0c610778cbbb1d694ff1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e9032f634e88eb9a1f0a82e256799b95c8f7afb3548d0c610778cbbb1d694ff1, en de alinea staat in dat document op bytes 16059 tot 16740.