Citaat | Hoge Raad 7 april 2020

Onder 2.2.1 Hoge Raad 7 april 2020

Een alinea uit Hoge Raad 7 april 2020, ECLI:NL:HR:2020:568.

Hetgeen overeenkomstig de tenlastelegging ten laste van de verdachte is bewezenverklaard alsmede de bewijsmiddelen waarop de bewezenverklaring steunt, is weergegeven in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 4 en 5. Kort samengevat is steeds bewezenverklaard dat de verdachte het slachtoffer door een tegen hem of haar gerichte feitelijkheid wederrechtelijk heeft gedwongen iets te dulden. De feitelijkheid bestond – globaal gesproken – uit de telefonische mededeling dat de verdachte van de politie was, slecht nieuws had en dat het slachtoffer beter even kon gaan zitten of elementen daarvan. Het dulden had steeds betrekking op het vervolgens minutenlang luisteren naar het slechte nieuws over het overlijden van een dierbare met gruwelijke details. Zo luidt bijvoorbeeld de bewezenverklaring van feit 1 dat:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ddcf70d1f0981ced2a89efef3b527100e2928e53b39a2066d3169749c8ec43cd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ddcf70d1f0981ced2a89efef3b527100e2928e53b39a2066d3169749c8ec43cd, en de alinea staat in dat document op bytes 8273 tot 9131.