Citaat | Hoge Raad 3 april 2020

Onder 2.3.3 Hoge Raad 3 april 2020

Een alinea uit Hoge Raad 3 april 2020, ECLI:NL:HR:2020:599.

Het hof heeft bij arrest van 23 oktober 2018 – dus nadat het hiervoor in 2.2 onder (iii) genoemde vonnis in de bodemprocedure was gewezen – het vonnis van de voorzieningenrechter bekrachtigd. Daaraan heeft het – voor zover in cassatie van belang – het volgende ten grondslag gelegd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/01dc12ecbe42da8a9693b618bfaf41b1c8ba6bf8c606491cc33dc5e80a1ad69a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 01dc12ecbe42da8a9693b618bfaf41b1c8ba6bf8c606491cc33dc5e80a1ad69a, en de alinea staat in dat document op bytes 9542 tot 9845.