Citaat | Hoge Raad 7 januari 2020
Onder 2.4 Hoge Raad 7 januari 2020
Een alinea uit Hoge Raad 7 januari 2020, ECLI:NL:HR:2020:6.
Art. 218 Sv heeft het oog op personen tot wier taak het behoort aan anderen hulp te verlenen doch die deze taak slechts dan naar behoren kunnen vervullen indien zij zich kunnen verschonen ten aanzien van geheimen welke hun zijn toevertrouwd door hulpzoekenden die zonder de zekerheid van geheimhouding tegenover justitie aan deze beroepsbeoefenaren geen hulp zouden vragen (vgl. HR 25 oktober 1983, ECLI:NL:HR:1983:AG4685). Aan het verschoningsrecht ligt ten grondslag dat het maatschappelijk belang dat de waarheid in rechte aan het licht komt, moet wijken voor het maatschappelijk belang dat een ieder zich vrijelijk en zonder vrees voor openbaarmaking van het toevertrouwde om bijstand en advies tot de verschoningsgerechtigde moet kunnen wenden (vgl. HR 1 maart 1985, ECLI:NL:HR:1985:AC9066). Tot de beroepsbeoefenaren die op grond van art. 218 Sv een verschoningsrecht hebben, behoren de arts, de advocaat en de notaris. Ook de geestelijke stand komt dat verschoningsrecht toe (vgl. Kamerstukken II 1913/14, 286, nr. 3, p. 90, 93, 94, Kamerstukken II 1917/18, 77, nr. 1, p. 48 en HR 14 december 1948, NJ 1949/95). Het verschoningsrecht geldt daarbij voor wetenschap die hun als zodanig is toevertrouwd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a0463e2aa6e196f9a4249a558b0d34ce806e34210e1feb2dcd414cd0b145059d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a0463e2aa6e196f9a4249a558b0d34ce806e34210e1feb2dcd414cd0b145059d, en de alinea staat in dat document op bytes 17268 tot 18500.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a0463e2aa6e196f9a4249a558b0d34ce806e34210e1feb2dcd414cd0b145059d | shasum -a 256