Citaat | Hoge Raad 14 april 2020
Onder 2.2.2 Hoge Raad 14 april 2020
Een alinea uit Hoge Raad 14 april 2020, ECLI:NL:HR:2020:646.
A: (...) Eén of twee weken later komt [medeverdachte 2] naar mij toe en zei dat ze een slag wilden slaan. Ik zei oké. Hij zei dat hij twee auto’s nodig had. (...) Hij zei dat ik er goed voor beloond zou worden. (...) Met dit ben ik naar [medeverdachte 5] gegaan, die zat ook op zwart zaad, omdat ze zoveel auto’s hadden gepakt. (...) Hij belde terug en zei dat hij een Daf had staan, een koeler, een Mercedes en nog een koeler, die ik kon gebruiken. (...) Toen is [medeverdachte 2] bij mij gekomen met de orders, met papiertjes met referentienummers over welke vracht het ging. Hij had intern iemand.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8d07ac70bca545760c9fd9c3ace7551b7272655b3ae577b57cea7b72751f8d3d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8d07ac70bca545760c9fd9c3ace7551b7272655b3ae577b57cea7b72751f8d3d, en de alinea staat in dat document op bytes 16795 tot 17414.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8d07ac70bca545760c9fd9c3ace7551b7272655b3ae577b57cea7b72751f8d3d | shasum -a 256